Pierre Carrière

Concept & copy, schrijver

Vervelen moet je leren

foto4Mijn tuinhuis bekleedt meerdere functies in mijn dagelijks leven. Zo is het mijn kantoor. Ik schrijf er het hele jaar door aan boeken en (reclame)teksten. ’s Zomers met de schuifdeur open, ’s winters met de houtkachel aan. Het tuinhuis is ook een recreatiewoning voor het hele gezin. Wanneer we hier een weekend verblijven met mooi weer, voelt het bij thuiskomst in de stad alsof we een week op vakantie in het buitenland zijn geweest. Natuurlijk is het stekkie in het Stadspark ook mijn tuin. Waar anderen vanuit hun bijkeuken het gazon opstappen, moet ik er een kwartier voor fietsen.  Maar dan kan ik ook los met grasmaaier, schoffel en mijn groene vingers. En kom ik regelmatig thuis met verse groente uit de moestuin. Maar het tuinhuis heeft nog een vierde functie. Hoe zal ik die nou eens noemen. Hangplek? Keutelplaats? Verveeloord? Ergens in die hoek in ieder geval.

Sinds ik tien jaar geleden werd overvallen door een burn-out, sta ik nogal anders in het leven. Ik heb veel geleerd van die periode. Over mezelf. Over mensen in het algemeen. En over de effecten van de huidige maatschappij op mijn functioneren. Eén van die vele lessen heeft te maken met vervelen. Met niks doen. Dat is voor mij – en vele anderen – verdomd moeilijk. Ja toch? In dit calvinistische landje moet er gewerkt worden. Hard als het even kan. En veel. Bovendien, de generatie waarvan mijn ouders deel uit maakten, heeft de oorlog meegemaakt. En het land daarna opgebouwd, soms met de blote handen. Hoewel ik niet christelijk ben opgevoed, was in mijn jeugd ledigheid toch echt des duivels oorkussen. Maar de tijden zijn veranderd, net als ikzelf. Ledigheid? Dat is op gezette tijden geen zonde maar een zegen. foto3

Na enkele drukke maanden als schrijver van teksten, echtgenoot van Linda, vriend van vele vrienden en vader van twee kinderen, neem ik af een toe een week rust. Met pen of stift zet ik dan een groot kruis in mijn agenda. Daarboven zet ik het woord ‘Tuinhuis.’ De bestemming voor die week is helder, de opdracht voor mezelf ook: niks doen. De eerste twee dagen van zo’n week spartelt de geest nog wat tegen. Dan loop ik wat verdwaasd door tuin en huis. Dan maai ik het gras met een stevig schuldgevoel. Half Nederland zit achter z’n computer, ik loop achter de maaier. Dat kan niet. Dat mag niet. Maar het moet wel. Van mezelf. Na die twee dagen omarm ik het niks doen als vanzelf met beide armen. Heerlijk. Ik doe klusjes die niet eens op een ‘To Do’-lijstje thuishoren. Zo niksig zijn ze. Drie kopjes afwassen, vijf grassprieten van het terras trekken, een schroefje aandraaien van de tuinstoel. Dat werk. Maar ook: zitten en gewoon om me heen kijken. Wel een kwartier lang. Vervelen is ook een kwestie van doorzetten. Niet die makkelijke weg kiezen van druk doen. Langzaam kom ik in een diepe rust terecht. Een rust waarvoor een weekend vaak tekort is en een vakantie in het buitenland veel te veel prikkels bevat. Rust met een hoofdletter R, van top tot teen in hoofd en lijf.

foto5Zo’n verveelweek is heel paradoxaal.  Want hoewel ik niks doe, gebeurt er van alles. Halve ideeën en vage plannen, normaal toegedekt door de waan van de dag, krijgen in die week ineens de ruimte om verder te groeien. Tollende kwartjes vallen ineens op hun plek. Mijn onbewuste kan eindelijk wat zaken doorgeven aan het bewuste, dat inmiddels de rust heeft om iets te ontvangen. Voor iemand die het moet hebben van zijn creativiteit, is zo’n week eigenlijk heel nuttig en productief. Hoewel dat helemaal de bedoeling niet is. Vervelen, het is een primaire levensbehoefte aan het worden voor de werkende mens. En als je je best doet, is het te leren.

Deze column verscheen in het verenigingsblad van TRV Stadspark, in juni 2013.

Vorige

In de ban van de roos

Volgende

De boomklever

  1. Bas

    Mooi geschreven. Ik herken veel. Heel goed om af en toe de drukte de rug te keren. En bij ons lukt dat goed. Als het zonnetje schijnt sluipen wij naar buiten. Grasmaaien, waar we ieder 5 uur mee kwijt zijn. 10 Uur mediteren achter je motormaaier. Heerlijk!

  2. Jan Hoogvliet

    ik geniet van je teksten. Dank je.

  3. Mooi Piere, ga ik ook doen. Heb tenslotte ook een thuis. Hoe makkelijk kan het zijn.

  4. Ik bedoel dus ‘tuinhuis’.
    Maar ook een thuis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén