Concept & copy, schrijver

Tag: Reitdiep

Tuinindestad

IMG_3597In een rafelrand van onze buurt ligt Tuinindestad. Verstopt tussen de Friesestraatweg, het Reitdiep en de spoorlijn naar Roodeschool. Pal tegenover de oude veevoerfabriek van ACECO. Een gebouw dat als een rotte kies steeds verder afbrokkelt, met hulp van de natuurkrachten. De menselijke sloopwerkzaamheden zijn jaren geleden al plotseling gestopt. Inmiddels lijkt de ruïne me een ideaal onderkomen voor zeldzame vleermuizen en dus volkomen veilig voor de sloopkogel.

Ooit werkte ik bij ACECO. Een week lang. Het was een schoolproject voor het vak Nederlands: werken en daar dan een verslag over schrijven. Het zal in 1983 of ’84 zijn geweest; ik was een jaar of 16. Samen met een klasgenoot en tevens vriend – inmiddels een succesvol architect die de recente aardbeving in zijn woonplaats Kathmandu gelukkig overleefd heeft – zeulde ik op de verdiepingen van het pand met zakken van 25 kilo, vol ingrediënten. Volgens een recept dat op een papiertje aan een pilaar hing, mikten we deze leeg in een grote opening in de vloer. Vier zakken van dit, twee zakken van dat, nog een zak zus, drie zakken zo en klaar. Zat alles erin, dan ging er een knop om en werd de boel gemengd. Op de begane grond stroomde het voer in grote bakken, bestemd voor koeien, varkens of kippen. Hoogtepunten in die week waren trouwens de ritjes op de heftrucks. Vooral op het buitenterrein. Daar konden we vol gas geven zonder het risico te lopen dat we kostbare zakken halffabricaat lekstaken.

In die periode kwam ik trouwens al op de plek waar Tuinindestad is gevestigd. Met mijn vader. Orchideeën kopen, voor in de vensterbanken van ons huis in Roden. In de vochtige, benauwde kassen bootste de kweker het klimaat van de Tropen na. Daar kwam hij ook vaak. Achter de toonbank hingen foto’s van hem, trots poserend met indrukwekkend grote en felgekleurde bloemkelken in Mexico, Costa Rica en weet ik waar hij ze allemaal vandaan haalde. De kassen staan er nog steeds. De kweker is echter vervangen door Frans Kerver, zijn vrouw en enkele vrijwilligers. In een paar jaar tijd hebben ze van het terrein een soort vrijstaat gemaakt, waar je heerlijk kan struinen tussen de plantjes, stekjes en loslopende kippen. Niks hoeft en alles mag. Tenminste, die sfeer hangt er. En hoewel het een plek is die ontmoetingen stimuleert – onder ander met hun FreeCafé, allerlei activiteiten en een ongedwongen sfeer – heb ik meer contact met Frans via Twitter dan in real life. Zo verbrokkelt persoonlijk contact net zo ongemerkt maar definitief als de oude veevoerfabriek.

Vorig jaar sprak ik Frans voor het laatst. Geheel volgens de maatschappelijke ontwikkelingen waar Frans in gelooft – zo wordt hij binnenkort de eerste Nederlander met een Basisinkomen – pleegden we ruilhandel. Ik gaf hem mijn boek Spaak, hij overhandigde mij drie kilo pootaardappeltjes voor in mijn moestuin. Hij twitterde in de weken erna zijn mening over mijn boek, ik hield hem digitaal op de hoogte van de aardappeloogst. Mijn boek staat inmiddels te leen in de bibliotheek van Tuinindestad. Gratis natuurlijk.
‘De wereld verandert’ is één van de meest zichtbare clichés die er bestaan. Oude glorie vergaat, nieuwe ontstaat op de resten ervan. Toch wordt het de hoogste tijd voor een ouderwets gezellig gesprek met Frans. En niet alleen omdat mijn bestelling van Nieuw-Zeelandse spinazie inmiddels wel binnen zal zijn.

Deze column verscheen in juni 2015 in de wijkkrant van de Schildersbuurt Groningen.

Reitdiep

Wenen en Budapest hebben hun Donau, Parijs de Seine, Lissabon de Taag en Londen zijn Theems. Prachtige, massieve rivieren, beeldbepalend voor die steden. Levensaders, omzoomd door levendige boulevards. Hun oevers met elkaar verbonden door monumentale  bruggen. Vroeger belangrijk voor de handel, nu recreatieve magneten voor bewoners en bezoekers. Niet voor niets al eeuwen gekoesterd door de stadsbestuurders. En zal ik u eens een geheim vertellen? De Groningse Schildersbuurt ligt ook aan zo’n – zonder overdrijven – machtige rivier. Het Reitdiep.

Vroeger was het de waterweg die de stad Groningen rechtstreeks verbond met de zee. Eb en vloed reikten tot in het stadscentrum. De boot naar Ameland vertrok vanuit de Noorderhaven. Zalmen zwommen tegen de stroom in van zee naar de stadsgrachten. Het Reitdiep was de muze van de beroemde Ploeg-schilders; zijn water werd in paars, geel en groen afgebeeld door deze impressionisten. En de rivier boetseerde al meanderend een adembenemend landschap. Het stroomdal van het Reitdiep is een van de oudste, best bewaarde  Europese cultuurlandschappen. Niet voor niets beschermd. Die beroemde rivier, die loopt dus op loopafstand van uw huis.

Stelt u zich eens voor, u wandelt op een zwoele zomeravond uw straat uit. Alleen, met geliefde of met de hond. Wat u wilt. Maar in ieder geval: op naar de rivier. De ondergaande zon heeft het water van het Reitdiep in vuur en vlam gezet en op een bankje aan de oever vraagt een puber zijn vriendinnetje om verkering. Zichzelf aankondigend met een schrille gil, scheert een oogverblindend blauwe ijsvogel door uw blikveld. Even verderop heeft een visser beet. U groet uw overbuurman die zijn bootje op de kade trekt, net terug van een tochtje naar Garnwerd. Daar dronk hij een uurtje daarvoor nog biertjes op het terras van Café Hammingh. U knikt over de heg naar een woonbootbewoner op zijn dek; hij heft zijn glas witte wijn. En u besluit uw wandeling langs het water op uw favoriete steigertje, pootje badend. Een utopie?

Er liggen afspraken met de gemeente Groningen om het zicht op het Reitdiep voor bewoners van de Schildersbuurt te verbeteren. Bijvoorbeeld door lagere begroeiing tussen de weg en de woonboten langs de oever. En door een verbod op schuttingen. Er liggen ook afspraken om op enkele plaatsen aan de Hofstede de Grootkade toegangen tot de rivier te creëren. Met een bankje, trapje, steiger of een combinatie daarvan. De afspraken staan al een tijdje. Zwart op wit zelfs. Het gaat nu enkel nog om de naleving ervan. Het wijkbestuur blijft de gemeente herinneren aan de afspraken. Ik ook, al dromend en schrijvend. Bij deze.

Deze column verscheen in het decembernummer 2012 van de wijkkrant van de Groninger Schildersbuurt.

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén